Exitheffing: uitstel van betaling geregeld

Door: Lianne Bouman | redactie: WEKAfinancieel | 10 januari 2012
Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft op 29 november 2011 beslist dat de Nederlandse exitheffing niet in strijd is met de vrijheid van vestiging.

Nederland hoeft daarbij geen rekening te houden met waardedalingen van de vermogensbestanddelen na emigratie, maar moet de belastingplichtigen de mogelijkheid geven tot uitstel van betaling tot het moment waarop de meerwaarden daadwerkelijk worden gerealiseerd.

 

Deze mogelijkheid biedt de huidige Nederlandse wet niet. Vooruitlopend op die noodzakelijke wetswijziging heeft staatssecretaris Weekers van Financiën in een besluit de voorwaarden vastgelegd volgens welke regels een onderneming die haar zetel naar een andere EU-lidstaat verplaatst uitstel van betaling van de exitheffing kan verkrijgen.

 

Het besluit is op 23 december 2011 in werking getreden en werkt terug tot en met 29 november 2011. Na het in werking treden van de wetswijziging vervalt het besluit.

 

Emigratie onderneming

Als een Nederlandse onderneming haar zetel naar het buitenland verplaatst (‘emigratie’), krijgt de belastingplichtige in de inkomsten- of vennootschapsbelasting te maken met een onmiddellijke belastingheffing (‘exitheffing’). Dit gaat over de dan aanwezige meerwaarden in vermogensbestanddelen waarover Nederland vanwege de emigratie niet langer belasting mag heffen.

Hoofdlijnen voorwaarden uitstel exitheffing

  • De exitheffing heeft betrekking op de verplaatsing van een (zelfstandig gedeelte van een) onderneming vanuit Nederland naar een andere lidstaat van de Europese Unie of naar een van de EER-landen (Noorwegen, IJsland en Liechtenstein).
  • De latente meerwaarden in de vermogensbestanddelen waarop de exitheffing ziet (waaronder stille reserves, goodwill en fiscale reserves) zijn nog niet gerealiseerd. Het eerste beoordelingsmoment of er sprake is van realisatie is het moment waarop de belastingplichtige kiest voor uitstel van betaling. Vervolgens moet de onderneming elk jaar een overzicht van ‘niet-gerealiseerde’ vermogensbestanddelen opstellen en dit aan de ontvanger van de belastingdienst toezenden. Zolang geen realisatie heeft plaatsgevonden, blijft uitstel van betaling kracht: het verleende uitstel is dus niet aan een termijn gebonden.
  • De ontvanger van de belastingdienst verlangt voldoende zekerheden voor uitstel van betaling, bijvoorbeeld een bankgarantie.
  • Over het bedrag van uitstel wordt invorderingsrente berekend vanaf het verstrijken van de betalingstermijn van het aanslagbiljet (inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting) over het belastingjaar waarin de emigratie heeft plaatsgevonden.

 

Meer over dit onderwerp leest u in:


Kennisbank WEKA Financieel

    Snel grip op de cijfers, met

    ruim 600 financiële Excel-sheets

    voor berekeningen en analyses

90 dagen proberen

Gratis rapport over Kostencalculatie

Gratis rapport over Kostencalculatie

Ontvang het rapport ‘Stappenplan Kostencalculatie’ gratis, wanneer u zich inschrijft voor de nieuwsbrief van WEKA Financieel!

 

Vraag persoonlijk advies

Vraag persoonlijk advies

Heeft u echt lastige Excel-vragen? Overleg die met de professionele Adviesdesk. Dan hoeft u nooit meer uren te stoeien met lastige formules.

Raadpleeg de Adviesdesk